Oud-notaris Hiel

HOE IS HET NU MET... OUD-NOTARIS HIEL

[Leni Paul]   Mr. E.J.J. Hiel werd in 1978 benoemd als notaris in Aalsmeer. Hij was toen al vijf jaar werkzaam als kandidaat-notaris bij notaris Mulder. Hij nam zijn intrek in het statige pand op de hoek van Stommeerweg en Hadleystraat en werd de vierde bewoner van deze woning, waar vanaf 1930 altijd  notarissen hebben gewoond. In 1998 werd hij op zijn 63ste gepensioneerd. In 2010 keerde hij terug naar zijn geboortestreek, Zeeuws-Vlaanderen. Een gesprek met een geboren verteller. 

We voeren het gesprek deels in het fraaie appartement in zijn huidige woonplaats Hulst. Hiel werd in 1934 geboren op een boerderij  in het kleine Zeeuwse dorp Ossenisse. Het gezin Hiel telde vier kinderen en het stond al snel vast dat de jonge Emerie niet geschikt was voor het agrarisch beroep. “Ik kon zelfs geen paard inspannen.”

Geen landbouwopleiding dus, maar het Canisius College in Nijmegen. Na de gymnasiumopleiding aan deze katholieke kostschool volgde een universitaire studie rechten (notarieel recht) aan de toenalige Gemeentelijke Universiteit in Amsterdam, gevolgd door een werkkring op een notariskantoor in Amsterdam.

In 1978 werd Aalsmeer Hiels standplaats. Behoorden vroeger notaris, huisarts, pastoor en  burgemeester nog tot de notabelen in een gemeente, in de zeventiger jaren veranderde er een en ander. Ook het al dan niet terechte stoffige imago van een notariskantoor verdween langzamerhand, hoewel notaris Hiel zijn leven lang voor enige terughoudendheid heeft gepleit en geen voorstander werd van de latere openheid.

Op de vele veranderingen die er inmiddels in vele beroepen en branches hebben plaatsgevonden wil hij niet ingaan.
“Ik ben inmiddels al heel wat jaren uit het vak, heb nauwelijks zicht op de huidige gang van zaken.  In mijn tijd is er onder andere de marktwerking in het notarisvak gekomen, wat inhield dat er een beleid kwam van vrije vestiging.”

Over zijn werkzame leven in Aalsmeer wil hij wel een en ander kwijt.
“Ik heb hier met heel veel plezier gewerkt. De Aalsmeerders waren doorgaans duidelijk en helder, wisten meestal wat ze wilden en waren zakelijk ingesteld. Drempelvrees voor de notaris was er nauwelijks, de drempel was laag. De Aalsmeerders waren ook coöperatief ingesteld, mede door de aanwezigheid van de veiling, van de coöperatieve tuinbouwbank. Wat je als notaris in ieder geval moet kunnen is goed luisteren. Mensen vertellen je veel.”

U bent na uw pensionering nog twaalf jaar in Aalsmeer blijven wonen.
“Ik overwoog toen om te gaan reizen, kreeg er ook de tijd voor. Tenslotte woonde ik toen dicht bij Schiphol en aan verre reizen was ik nauwelijks toegekomen. In 2000 ben ik zowel naar Galicië in Noord-Spanje als naar Bologna in Italië gereisd. Die reizen vielen me niet mee en toen besloot ik  de eigen omgeving, het Groene Hart, maar eens vaker per fiets te gaan ontdekken. Toen ik nog in functie was, was ik door tijdgebrek nooit verder gekomen dan de Meije en ik ben toen die jaren daarna het hele gebied gaan verkennen.”

Er komen enthousiaste verhalen over de Meije, Oude Rijn, Hollandsche IJssel, Lek en andere plekjes, met gedetailleerde geschiedkundige achtergronden.
“Menig Aalsmeerder is, denk ik, nog nooit bij Fort Wierickerschans, tussen Bodegraven en Nieuwerbrug, geweest en zo is er nog veel meer interessants te zien in de buurt van Aalsmeer.”

Ik krijg een lesje geschiedenis, compleet met jaartallen en zelfs data van gebeurtenissen uit het verleden. U hebt een ijzeren geheugen.
“Ja, ik heb me altijd graag met geschiedenis beziggehouden en ook hier in Zeeland ben ik me gaan verdiepen in de streek, die ik eigenlijk sinds mijn jeugd alleen in de vakanties had bezocht.”

U bleef langer in Aalsmeer dan u aanvankelijk van plan was.
“Zeeland raakte inderdaad wat op de achtergrond, maar in 2008, tien jaar na mijn pensionering, begonnen plannen te rijpen. Op mijn 75ste dacht ik, mede gestimuleerd door mijn jongste zus, je moet nu maar eens denken aan terugkeer naar het land waar je vandaan komt. Of de overgang groot was? Ja, zeker, aanvankelijk viel het wat tegen, het heeft meer voeten in de aarde dan je van tevoren vermoedt. Je moet in je nieuwe woonplaats de weg zien te vinden, waar is de dokter, de kapper, je moet de buren leren kennen. Of ik het aanbeveel terug te keren naar je vroegere woonomgeving? Het is weldadig om weer de taal uit je jeugd te horen.

Oorspronkelijk zocht ik naar een woning rondom mijn geboorteplaats Ossenisse, maar die omgeving vond ik, komend uit de Randstad, wat te stil, ik zou het wat benauwd zijn gaan vinden. Het werd de vestingstad Hulst, met de ruim drie kilometer lange bezienswaardige wallen en de prachtige Sint Willibrordusbasiliek. Weet u trouwens dat Zeeuws-Vlaanderen een van de dunst bevolkte gebieden van Nederland is?”

En fietst u nog net zo vaak als in het Groene Hart?
“Ja zeker. Vaak alleen, dikwijls ook met een clubje oude studievrienden. Volgende maand word ik tachtig jaar en ik heb in mijn tachtigste levensjaar tot nu toe al meer dan 2500 kilometer gefietst.”

Toch vergat u Aalsmeer niet, want minstens twee keer per jaar komt u er weer enkele dagen terug.
“Ik heb daar ruim 25 jaar gewerkt en er zoveel meegemaakt. Ik denk terug aan televisieshows waarin een kansspel was verwerkt. En dan was het noodzakelijk dat de notaris aanwezig was. Zo was ik 42 keer aanwezig in de Studio van Van den Ende. Volle  zalen, waarbij het publiek in lange rijen stond te wachten om naar binnen te komen en er spelletjes werden gespeeld zoals Wedden Dat met Jos Brink, de 1,2,3 show met Rudi Carrell en Ted de Braak, de Showbizzquiz met Ron Brandsteder. En ook waren er op bloemengebied allerlei evenementen waarbij het Guinnessbook of Records  te pas kwam, zoals het grootste bloemstuk met onder andere de Zurellaroos in de burgerzaal en het langste bloemstuk bij de tuinbouwschool, waar Hoffscholte de meting deed.”

Mooie herinneringen. Hoe ziet u nu uw halfjaarlijkse bezoeken aan Aalsmeer?
“Ik noem dat een herinneringsvakantie. De oude plekken opzoeken, oude bekenden zien. Er is in Aalsmeer in de afgelopen vier jaar veel veranderd, veel is er niet meer en dan denk ik aan allerlei mensen, de grote, bekende kwekerijen. Het dorp kreeg ook een ander aanzien. En ik moet bekennen, dat stemt wel weemoedig. Toch doet het weerzien me goed en ik hoop nog een aantal jaren te kunnen terugkeren naar de gemeente waar ik een groot deel van mijn leven met veel genoegen werkte en woonde.”

Foto's boven: notaris Hiel bij het bloemencorso in de jaren '80 (tweede van links).
Daaronder: foto's gemaakt in zijn woonplaats Hulst.