Oud-burgemeester Joost Hoffscholte

 
"Wereld lag aan de voeten van Aalsmeer"

[Leni Paul]   Hij was 22 jaar lang burgemeester van Aalsmeer en woont hier nog steeds, tot zijn groot genoegen. Hij speelde een belangrijke rol, zag in zijn ambtsperiode veel veranderen en kijkt met plezier op zijn werkzaam leven terug. Een gesprek met een bevlogen, aardige dorpsgenoot.

Joost Hoffscholte (71) komt uit een Amsterdamse ondernemersfamilie. Strenge vader, aanpakken, doen wat je zelf kan doen en je niet te veel afhankelijk maken van anderen. Hoffscholte: "Mijn vaders drijfveer was: iedereen heeft talenten en je moet ervan maken wat je er van maken kunt. Haal het maximale uit jezelf. Die mentaliteit bracht me er al  jong toe om lid te worden van de VVD.”

De jonge Hoffscholte volgde een opleiding op het katholieke internaat Katwijk de Breul, gevolgd door een studie aan de Universiteit van Amsterdam.
“Eén jaar medicijnen gedaan, die studie trok me wel, maar lag me toch niet zo.Thuis wilde men dat ik werd getest en wat kwam daar uit? Maatschappelijk geïnteresseerd en geknipt voor burgemeester. Ik ben toen rechten gaan studeren, was in mijn vrije tijd actief bij de VVD-jongeren en had ook contact met de jonge Wiegel.”

Leuk en eervol om te horen, geschikt voor burgemeester, maar hoe begeef je je dan op die weg tot genoemd ambt?
"Ik kon na mijn studie in dienst treden bij het Kabinet van de Commissaris van de Koningin in Overijssel, op het provinciehuis in Zwolle. Na vijfenhalf  jaar solliciteerde ik naar de burgemeesterspost in de gemeente Dalen, 5000 inwoners. Een VVD-CDA-gemeenschap. Ik was al 12½ jaar uit het westen  weg toen de burgemeesterspost in Aalsmeer vrij kwam . Ik solliciteerde en werd benoemd.”

Kende u Aalsmeer?
“Als Amsterdammer kende ik natuurlijk het bloemencorso dat ieder jaar over de Dam reed. En met mijn ouders ging ik als kind nog wel eens een kopje thee drinken bij Kempers Roef. Op de bloemenveiling was ik nooit eerder.”

Peinzend kijkt hij terug op de beginjaren.
“Mijn eerste indruk was, het is een gemeente van rechttoe rechtaan, down to earth. Ad Verschueren, Nico Borgman, Simon de Raadt, Piet Boom waren wethouder. Ik herinner me dat Piet Boom me al direct duidelijk zei: wij, in Aalsmeer, we steken hier de handen uit de mouwen. Wat me toen al opviel was dat de gemeente Aalsmeer, zo vlak onder de rook van Amsterdam, toch altijd zijn eigen karakter heeft weten te behouden. Er was ook voldoende werk en ook zoveel activiteiten buiten het werk. Er waren en zijn hier de meeste verenigingen in relatie met het inwonertal en ik was verbaasd over wat hier allemaal buiten het werk gebeurde. Veel dynamiek. Men zet er gezamenlijk de schouders onder.”

Onuitwisbaar was Hoffscholtes indruk bij zijn eerste bezoek aan de veiling.
"Ik werd rondgeleid door Maarse en Mulder. Een gebouw van 300.000 vierkante meter toen, inmiddels 1 miljoen vierkante meter groot. Aalsmeer telde 22.000 inwoners toen ik in 1985 kwam, 25.000 ingezetenen bij mijn vertrek als burgemeester in 2007. Ik herinner me dat ik enorm onder de indruk was bij dat eerste veilingbezoek. Duizenden bloemen, die hectiek op de tribunes, die karren die alles in korte tijd verdelen."

U maakte diverse veilingvoorzitters mee.
"Vier verschillende voorzitters. Jan Maarse, die was echt een boegbeeld. Een eenvoudige, directe man, echt de personificatie van het bedrijf. Gerrit Kooij, eigenlijk een tussenpaus, was een diplomaat, vriendelijk, een gentleman, een echte doopsgezinde.

Frans Kuipers, die het voorzitterschap van de coöperatie op zijn eigen wijze op zich nam en ook graag meeging een biertje drinken. En ook heb ik nog even Bernard Oosterom [de eerste niet-Aalsmeerse voorzitter – red.] meegemaakt. En natuurlijk directeur André Mulder, die ik uiteraard vaak sprak. Hij was een echte strateeg."

De 'groten der aarde' deden in Hoffscholtes periode veelvuldig de veiling aan.
“Diverse malen leden van het koninklijk huis, maar ook veel buitenlandse hoogwaardigheidsbekleders. Zoals de premier van China. Tijdens de rondgang was ik erachter gekomen dat zijn vrouw dol was op rozen .Ik heb met die wetenschap 's morgens heel vroeg de voorzitter van de veiling aangesproken en dankzij zijn snelle actie kon daarvoor gezorgd worden.  Wat een verrassing. 'Nice, flowers from Holland,' zei de echtgenote, uitermate blij met de rozen. 'Nou,' zei Frans Kuipers tegen mij, 'ze komen uit Afrika'.”

Anekdotes uit zijn ambtsperiode zijn er genoeg en met name de ontmoeting met de keizer van Japan blijft in Hoffscholtes geheugen gegrift.
“Omdat ik ook vice-voorzitter was van de Stadsregio Amsterdam werd ik uitgenodigd in het Van Gogh Museum voor een bijeenkomst met de keizer. Keurig alles geregisseerd en ik stond in vak 2. Omdat ik nogal klein van stuk ben, haalde wethouder Paulien Krikke me naar voren zodat ik ineens als belangrijk man werd gezien, zo vlak voor Van Goghs zonnebloemen. Dat had als gevolg dat ik op uitnodiging van de burgemeester van Amsterdam als eerste werd voorgesteld aan de keizer. 'You must be a very important man,' zei deze. Dat was hilarisch.”

U bleef 22 jaar burgemeester en was daardoor bijna de langstzittende burgervader van Aalsmeer.
"Kastelein, die in 1941 plaats moest maken voor een andersoortig burgemeester, was hier 24 jaar, Brouwer 19 jaar. Een burgemeester wordt elke zes jaar herbenoemd en ik werd dus drie keer herkozen."

Dat zich in die lange periode zaken hebben afgespeeld die buitengewoon veel indruk hebben gemaakt, is duidelijk. Ik vraag hem naar hoogte- en dieptepunten.
“Dieptepunt was de brand bij Epifanes. Midden in de nacht, het was vreselijk, dan komen er heftige emoties lost. Jij bent de burgemeester, je bent steun en toeverlaat en dan wordt er ook terecht verwacht dat je doortastend handelt. De volgende dag direct een persconferentie. Nee, dat was een vreselijke gebeurtenis.”

Hoogtepunten waren voor Hoffscholte onder andere de jaarlijkse Bloemen Vaktentoonstelling in de veiling en het bloemencorso.
“Met dat corso werd Aalsmeer wereldwijd op de kaart gezet. Dat défilé op de de Dam, imponerend.”

Amsterdam leidde maar twee keer per jaar het verkeer in de stad om, voor Sinterklaas en voor het corso.
”Dat was geweldig. Schitterend evenement. Ik herinner me een mooie anekdote toen D'66-wethouder Eric ten Have uit één van de corsowagens, die een Aalsmeerse praam voorstelde, paling werd aangeboden. Volkomen verrast, die Ten Have. 'Stop maar in uw ambtsketenkoffertje,' zei mijn vrouw tegen hem. Loco-burgemeester Ten Have stond met de mond vol tanden.”
    
Hoogtepunten waren voor Hoffscholte ook de ontvangsten in de burgerzaal van het gemeentehuis.
“De receptie van de Bloemen Vaktentoonstelling, internationale gasten. De wereld lag aan de voeten van Aalsmeer. Fantastische bijeenkomsten en dat geldt ook voor de werknacht aan de vooravond van het corso."

Voorbij, zowel de vaktentoonstelling als het corso. En ook de veilingen hebben geen juichverhalen meer te melden. Volgt u alle gebeurtenissen nog op de voet?
“Zijdelings volg ik de dingen, ja. Ik ben tenslotte inwoner van Aalsmeer gebleven. Inderdaad groeien de bomen niet meer tot in de hemel in vergelijking met de jaren daarvoor.”

In de plaatselijke politiek lopen de zaken duidelijk ook anders dan in uw tijd. Er gebeurt van alles...
“Ik volg de politiek hier nog zijdelings. Ik begrijp dat er spanningen zijn. De verhoudingen zijn verscherpt. Ik heb in mijn tijd met veel colleges en allerlei mensen te maken gehad. Mijn standpunt is altijd geweest: je bent bestuurder ten behoeve van het algemeen belang, het belang van iedereen. De politiek moet ervan doordrongen zijn en beseffen dat je met elkaar bent ingehuurd voor het algemeen belang. Adeldom, zo zie ik het, verplicht. Als burgemeester en ook als wethouder moet je voor ogen houden dat je betaald wordt door de burger. Ik besefte altijd toen ik burgemeester was: ik leef van jullie belastinggeld, dan moet je je wel voor honderd procent inzetten. Een politieke functie is een dienende functie.”

Vox populi, de stem van het volk, kenschetst een burgemeester doorgaans op zijn eigen wijze. Brouwer werd de zakenburgemeester, u werd nogal eens een echte burgervader genoemd. Het klinkt liefkozend.
“Dat heb ik wel eerder gehoord, ja. Ik kon en kan goed met de Aalsmeerders opschieten, ik hou ook van mensen. We wonen hier ook met veel plezier.”.

U hebt ook een huis in Frankrijk. Daar  is een burgemeester doorgaans een man of vrouw die naast het ambt van gemeentebestuurder zijn eigen beroep uitoefent. 
“Een heel ander systeem. Er zijn in Frankrijk 36.000 gemeenten. Die zijn in het algemeen veel kleiner dan hier. De rol van de burgemeester is daar veel meer die van pleitbezorger voor de belangen van de gemeente en hij of zij is de ombudsman om in de conflicten tussen de burgers te beslissen.”

In het bekende zwarte gat bent u niet gevallen. Zo geeft u bijvoorbeeld regelmatig rondleidingen door historisch en nieuw Aalsmeer.
“Ja, en ik heb nog diverse andere functies. Zo was ik twee jaar landelijk gouverneur van de Rotary, wat me onder meer naar Amerika bracht. Ik ben vice-voorzitter van de Stichting Bevordering Leefbaarheid in de Schiphol-regio, ik ben voorzitter van de Nederlandse Stichting tot bevordering van de Sociaal-Pedagogische Zorg. En dan zijn er de kleinkinderen en ook tennis ik nog."

Niet meer betrokken bij de plaatselijke politiek?
“Ik zei het al, die volg ik op afstand. Want ik vind, weg is weg. Er zijn nu wel spanningen, het is twaalf tegen elf, elke discussie wordt op een goudschoteltje gewogen. Maar laat men voor ogen houden: je bent als bestuurder bezig ten behoeve van het algemeen belang en je moet proberen over je eigen schaduw heen te stappen.”
 
Foto's van boven naar beneden: Joost Hoffscholte poserend bij Het Oude Raadhuis, stemmen tellend in Zorgcentrum Aelsmeer met Louis van Nimwegen bij de landelijke verkiezingen in 2006 en bij zijn afscheid in 2007 waar hij als Napoleon samen met zijn vrouw Miekje een rondrit in een koets krijgt aangeboden. (foto's Arjen Vos)